De basis van elk vaccin is een ongevaarlijke variant van
de ziekteverwekker of een onderdeel ervan, bijvoorbeeld
een manteleiwit. Het lichaam denkt dat er een gevaarlijke
indringer is en reageert door antistoffen te maken. Zo krijgt
de echte ziekteverwekker geen kans meer en is iemand
jarenlang beschermd. Voor veel ziektes is het gelukt een
vaccin te maken, maar nog niet tegen belangrijke ziektes
zoals malaria, aids of borstkanker. Toch blijven wetenschappers
hoopvol. Want er is bewijs dat een malariavaccin werkt
en voor aids zijn de eerste bescheiden resultaten geboekt.
Voor kanker zijn er allerlei nieuwe strategieën bedacht. Zo
worden immuuncellen uit het bloed gefilterd om ze in het
laboratorium te ‘leren’ wie de vijand is.
In deze Chemische Feitelijkheid
• De Context: Vaccins zijn een groot succes. Toch is er veel
discussie of ze wel veilig en echt noodzakelijk zijn.
• De Basis: Wat zit er in een vaccin? Hoe reageert het
afweersysteem en waarom biedt vaccineren bescherming?
• De Diepte: Het vaccin tegen de Mexicaanse griep was er
razendsnel. Maar nog steeds is er geen vaccin tegen grote
‘killers’ zoals borstkanker, malaria en aids. |
![]()
Een abonnement op hét actuele naslagwerk over chemie en aanverwante vakgebieden? In iedere editie behandelt Chemische Feitelijkheden de nieuwste inzichten over een actueel thema rond moleculen, mensen, materialen en milieu.
De Koninklijke Nederlandse Chemische Vereniging is de beroepsvereniging van en voor mensen die werkzaam zijn of studeren in de chemie, life sciences en procestechnologie. De KNCV wil een schakel zijn tussen bedrijven en mensen. Zie voor meer info: www.kncv.nl.
© 2008 Bèta Publishers