Katoenvezels bestaan uit cellulose, een koolhydraat.
Vergeleken met het zustermolecuul zetmeel is cellulose
sterker en bovendien onverteerbaar voor mensen. Het
verschil wordt veroorzaakt door de chemische ordening van
de ketenvormige koolhydraten.
Behalve vezels produceert de katoenplant ook eiwit- en
olierijke pitten. Helaas zijn ze giftig, maar daar hebben
biotechnologen iets op bedacht. En volgens textieltechnologen
kan katoen milieuvriendelijker worden gebleekt dankzij de
katalysator uit het mislukte wasmiddel OMO-Power.
In deze Chemische Feitelijkheid
• De Context: De katoenteelt vergt onevenredig veel water
en bestrijdingsmiddelen. Valt dat op te lossen?
• De Basis: Katoenpluizen bestaan uit cellulose. Hoe maak
je van zo’n pluis een T-shirt?
• De Diepte: Moderne biotechnologie maakt giftige
katoenpitten eetbaar. Wat is de truc? |
![]()
Een abonnement op hét actuele naslagwerk over chemie en aanverwante vakgebieden? In iedere editie behandelt Chemische Feitelijkheden de nieuwste inzichten over een actueel thema rond moleculen, mensen, materialen en milieu.
De Koninklijke Nederlandse Chemische Vereniging is de beroepsvereniging van en voor mensen die werkzaam zijn of studeren in de chemie, life sciences en procestechnologie. De KNCV wil een schakel zijn tussen bedrijven en mensen. Zie voor meer info: www.kncv.nl.
© 2008 Bèta Publishers